Wat te doen als je niet weet wat je moet doen? Allesbehalve niets!

Het zal de meeste mensen nooit overkomen, maar het kan je zomaar gebeuren dat iemand in je omgeving plotseling bezwijkt aan een hartaanval. Wanneer dit gebeurt zijn het de eerste minuten die bepalen of deze persoon het zal overleven of niet. Wat blijkt? Zelfs mensen met een EHBO-diploma durven vaak niet over te gaan op reanimeren omdat ze bang zijn het fout te doen. Vandaar dat het goed is even stil te staan bij hetgeen je moet doen in geval van nood.

Niets doen is eigenlijk altijd fout

Het is zeker waar dat er achter het reanimeren van een persoon een bepaalde techniek schuilgaat. Bovendien loop je altijd het risico dat je een paar ribben breekt bij een persoon. Echter het gaat in dezen om een mensenleven. Iemand niet helpen is altijd minder goed dan wel iets doen. Eigenlijk bestaat er niet zoiets als verkeerde reanimatie. Er bestaat alleen goede en hele goede reanimatie. De enige slechte hulp is de hulp die je niet biedt.

Waarom toch de twijfel?

De reden dat mensen toch huiverig zijn om te reanimeren is in de praktijk vooral het gevolg van het feit dat men in een noodsituatie vaak moeite heeft met helder denken. Veel mensen zijn dan geneigd een passieve houding aan te nemen. Om de angst om te reanimeren tegen te gaan wordt er bij de trainingen waarin reanimatie wordt behandeld tegenwoordig ook ingegaan op deze angst. In feite wordt cursisten ingepeperd dat je bij een hartaanval twee dingen moet doen: 112 bellen en reanimeren, in die volgorde. Het lijkt heel simpel, maar in de praktijk blijkt het van levensbelang om deze kennis paraat te hebben. Daarom: Reanimeren is altijd goed, zelfs als je het fout doet. Iets redt meer levens dan niets.